Stellantis test IBIS: lichtere accu’s, sneller laden en meer efficiëntie

Stellantis en accupartner Saft werken in Frankrijk aan een innovatief accupakket dat veel meer doet dan energie opslaan. Hun Intelligent Battery Integrated System (IBIS) combineert de functies van lader en omvormer rechtstreeks in de accu zelf. Daardoor verdwijnen aparte modules en kabelbundels, en kan de aandrijflijn efficiënter en compacter worden opgebouwd.
Wat verandert er met IBIS?
In een klassieke elektrische wagen zijn de accu, de AC-lader en de omvormer drie gescheiden componenten, elk met hun eigen bekabeling en koeling. IBIS voegt die functies samen in één slimme batterij. Het pakket kan zowel wisselstroom (AC) als gelijkstroom (DC) verwerken en direct verdelen: naar de elektromotor, naar het 12V-boordnet en zelfs naar externe toepassingen zoals netstroom (vehicle-to-grid).
Concrete winstcijfers
Volgens Stellantis levert de integratie in WLTP-tests tot 10% energiewinst en 15% meer piekvermogen bij gelijke accucapaciteit. Ook het gewicht daalt, met ongeveer 40 kilo, en er komt extra verpakkingsruimte vrij. Voor AC-laden tonen de eerste data circa 15% kortere laadtijden en 10% minder laadverlies.
Sneller laden in de praktijk
Stellantis verwijst in de communicatie naar een reductie van 7 naar 6 uur laadtijd bij 7 kW AC-laden. Voor België, waar vooral driefasige palen van 11 kW gangbaar zijn, liggen de absolute getallen anders, maar de onderliggende winst blijft gelijk: minder verlies en dus meer energie die daadwerkelijk in de batterij terechtkomt.
Minder onderdelen, andere service
Door componenten te schrappen, daalt de complexiteit in productie en onderhoud. Minder connectoren en koelcircuits betekent lagere kost en eenvoudiger assemblage. Tegelijk wordt service gevoeliger: wie een defecte IBIS-accu moet herstellen, vervangt geen losse omvormer meer, maar werkt aan één geïntegreerd systeem. Dat kan de herstelling duurder maken, al maakt de architectuur hergebruik in stationaire toepassingen eenvoudiger.
Snellere route naar de markt
IBIS is geen nieuwe celchemie, maar een architecturale innovatie. Dat maakt de stap naar serieproductie eenvoudiger en sneller, want bestaande cellen kunnen probleemloos in de geïntegreerde structuur worden toegepast. Als de praktijktests de simulaties bevestigen, wil Stellantis de technologie nog dit decennium in productie-EV’s brengen. Ook buiten de auto-industrie ziet men kansen, onder meer in spoor, maritieme toepassingen en datacenters.
Wat nog openstaat
Belangrijke vragen blijven voorlopig onbeantwoord: hoe presteert IBIS bij DC-snelladen in onafhankelijke tests, hoe robuust is de thermische stabiliteit op lange termijn, en wat betekent integratie voor de betaalbaarheid van service? De testfase met een Peugeot E-3008 moet de komende jaren duidelijk maken of de beloofde voordelen standhouden in de praktijk.






