Laadinfrastructuur wordt een vaste waarde in elk toekomstgericht gebouw

Elektrisch rijden is in België definitief doorgebroken. In de eerste helft van 2026 was 36,1% van alle nieuw ingeschreven wagens volledig elektrisch. Vooral de professionele markt neemt het voortouw: 59% van de nieuwe bedrijfswagens rijdt uitsluitend op elektriciteit. Ook bij particulieren werd voor het eerst de grens van 10% overschreden.

Die evolutie verandert niet alleen het straatbeeld. Ze heeft ook een rechtstreekse impact op bedrijfsgebouwen, handelszaken, appartementsprojecten en parkeerterreinen. Wie vandaag bouwt, renoveert of investeert in vastgoed kan laadinfrastructuur niet langer als een optionele extra beschouwen.

Van parkeerplaats naar laadpunt

De Europese EPBD-richtlijn maakt laadinfrastructuur steeds meer tot een vast onderdeel van een gebouw, naast elektriciteit, verwarming en ventilatie. De concrete verplichtingen verschillen per gewest en hangen onder meer af van het type gebouw, het aantal parkeerplaatsen en de vraag of het om nieuwbouw, renovatie of een bestaand gebouw gaat.

In Vlaanderen moeten bestaande niet-residentiële gebouwen met meer dan twintig parkeerplaatsen sinds 1 januari 2025 over minstens twee laadpunten beschikken. Bij nieuwbouw en ingrijpende renovaties gelden bijkomende vereisten rond wachtleidingen en de voorbereiding van toekomstige laadpunten.

Ook Wallonië legt voor bepaalde bestaande niet-residentiële gebouwen met meer dan twintig parkeerplaatsen verplichtingen op. Daar gaat het onder meer om minstens één laadpunt en aansluitinfrastructuur voor één parkeerplaats op vijf, al zijn er uitzonderingen mogelijk. In Brussel gelden vanaf tien parkeerplaatsen specifieke quota die afhankelijk zijn van de bestemming van het gebouw. Voor kantoren, handelszaken, publieke parkings en woongebouwen gelden er verschillende regels.

Voor eigenaars, bedrijven, syndici en projectontwikkelaars is het daarom belangrijk om elk project afzonderlijk te laten beoordelen. Alleen het aantal parkeerplaatsen bekijken volstaat niet. Ook de beschikbare netcapaciteit, het verwachte gebruik en een eventuele uitbreiding van het laadpark spelen een rol.

Zonne-energie krijgt een concrete bestemming

Laadpalen bieden meer dan een antwoord op een wettelijke verplichting. Ze maken het ook mogelijk om lokaal opgewekte zonne-energie slimmer te benutten. Bedrijfswagens, wagens van medewerkers en voertuigen van bezoekers staan vaak overdag geparkeerd, precies wanneer zonnepanelen het meeste elektriciteit produceren.

Door laadpunten te combineren met slimme energiesturing kan een groter deel van die productie rechtstreeks ter plaatse worden gebruikt. Dat vermindert de afhankelijkheid van het elektriciteitsnet en helpt om pieken in het verbruik te beheersen. Energieopslag kan daarbij een bijkomende buffer vormen. Overtollige zonnestroom wordt tijdelijk opgeslagen en later ingezet wanneer de vraag groter is of de productie afneemt.

Zo ontstaat een geïntegreerd energiesysteem waarin zonnepanelen, batterijopslag en laadpalen elkaar versterken.

Een parking als bijkomende troef

Ook economisch kan een laadoplossing interessant zijn. Met een slim verrekeningssysteem kunnen bezoekers, huurders of medewerkers betalen voor hun laadbeurten. De parkeerplaats evolueert daardoor van een gewone kostenpost naar een dienst die inkomsten kan opleveren.

Voor vastgoed vormt beschikbare laadinfrastructuur bovendien steeds vaker een waardevol verkoop- of verhuurargument. Bedrijven zoeken locaties waar medewerkers en klanten eenvoudig kunnen opladen terwijl bewoners en huurders verwachten dat hun gebouw voorbereid is op elektrisch rijden. Een installatie die later zonder grote graaf- of breekwerken kan worden uitgebreid maakt een pand aantrekkelijker en toekomstbestendiger.

Kant-en-klare e-mobiliteitsoplossingen

Ecostal Waregem brengt via Project Zero laadpalen, energieopslag en slimme sturing samen in kant-en-klare e-mobiliteitskits. Daarbij wordt gewerkt met gespecialiseerde merken zoals Smappee, Easee, Peblar en Wallbox.

De oplossingen zijn bedoeld om installateurs en hun klanten te helpen bij de uitbouw van een laadpark dat past bij het gebouw, het beschikbare vermogen en het verwachte gebruik. Door van bij de start rekening te houden met uitbreidingsmogelijkheden kan de installatie meegroeien met het aantal elektrische wagens zonder dat telkens opnieuw ingrijpende aanpassingen nodig zijn.

Wie vandaag investeert in slimme laadinfrastructuur doet dus meer dan voldoen aan de regelgeving. Het beschikbare zonnevermogen wordt beter benut, de parking krijgt een nieuwe functie en het gebouw wordt voorbereid op een mobiliteitsmarkt waarin elektrisch rijden steeds nadrukkelijker de norm wordt.

Meer informatie over de EPBD-richtlijn

Ontdek het aanbod

Bekijk de lopende EV-charge-actie

Deel je liefde